Chemotherapie en voeding.

Het is belangrijk om goed, evenwichtig en gezond te eten tijdens uw chemotherapie.Door een goede voeding kunnen de gezonde cellen die door de chemotherapie beschadigd zijn,zich sneller herstellen.Het is echter niet altijd gemakkelijk om tijdens te chemotherapie goed te blijven eten. Uw eetlust kan verminderen, eten gaat anders smaken, u kan een afkeer krijgen van bepaalde gerechten of voedingsmiddelen, u kan last hebben van misselijkheid een pijnlijke mond of keel enzovoort.

Als u tijdens de behandeling gewicht verliest, is het van belang om voldoende calorieën op te nemen. Als u tijdens de behandeling juist aankomt, is het beter minder calorieën te verbruiken.

Tips bij gebrek aan eetlust

- eet en drink vaak kleine beetjes (vier tot zes keer per dag) in plaats van drie volwaardige maaltijden per dag te nemen;

- als u geen vast voedsel verdraagt, probeer dan allerlei drank, zoals vruchtensap, soep, yoghurt en andere dranken die ervoor zorgen dat u toch de nodige calorieën en voedingsstoffen opneemt;

- drink niet voor of tijdens de maaltijd om het gevoel van een overvolle maag te vermijden;

- varieer met nieuwe smaken en recepten als u bepaalde dingen niet meer lust.

Smaakveranderingen door chemotherapie komen geregeld voor.Na de behandeling wordt uw smaak en reuk meestal (maar niet altijd) weer zoals vroeger;

- probeer uw eetgewoontes te veranderen: eet eens in een andere ruimte, eet samen met vrienden of familie, maak een wandeling voor het eten…

Praat met uw arts voor u op eigen houtje vitamines of voedingssupplementen neemt of een dieet begint

Vervolg.

Persoonlijk advies

De diëtist of voedingsconsulent kan u voedingsadvies geven dat speciaal gericht is op uw situatie, bijvoorbeeld om bijwerkingen van de chemotherapie zoals misselijkheid, verminderde eetlust,mond- en slikproblemen tegen te gaan. Uw behandelende arts kan u doorverwijzen naar een diëtist. Een tweetal consultaties volstaat meestal.

Het advies van een diëtist is gratis voor wie gehospitaliseerd is. De patiënt kan zijn arts om een doorverwijzing vragen.Wie ambulant behandeld wordt en dus niet in het ziekenhuis overnacht of wie thuis behandeld wordt, betaalt de consultaties bij een diëtist in of buiten het ziekenhuis wél zelf.

De verplichte ziekteverzekering komt niet tussen;sommige ziekenhuizen rekenen ook bij ambulante behandeling de consultaties van kankerpatiënten bij een diëtist niet aan.

Diëten,vitamines,voedingssupplementen

Een gezonde, evenwichtige voeding bevat normaal alle vitamines en mineralen die u nodig heeft.Toch willen veel kankerpatiënten extra vitamines nemen, of een speciaal dieet volgen.

Er zijn ontelbare benaderingen van voeding als aanvullende therapie voor kanker. Voorbeelden van voedingstherapieën zijn het Moermandieet, het Houtsmullerdieet, het drinken van paardenmelk, rodebietensap, enzovoort.Over het nut van deze therapieën wordt al decennia lang gediscussieerd– en dat zal wellicht nog lang doorgaan.

Hoewel er wetenschappelijk geen bewijzen zijn voor het nut en de waarde van voedingssupplementen en diëten bij kanker, voelen sommige patiënten zich goed bij een bepaald dieet en hebben ze het gevoel op die manier zelf bij te dragen aan hun herstel.

Volg zeker onderstaand advies:

- Praat erover met uw behandelende oncoloog of radiotherapeut.Vertel welk dieet u volgt of welke voedingssupplementen u neemt. Hij kan inschatten of het geen negatieve effecten heeft op uw kankerbehandeling.

- Informeer u goed over het voorstel voor aanvullende therapie.Een gezonde portie argwaan kan daarbij zeker geen kwaad.

Vragen die u moet stellen:

- wat houdt de therapie precies in?

- hoe lang gaat de behandeling duren?

- wat mag u ervan verwachten?

- wat zijn de kosten precies? (voedingssupplementen en dergelijke zijn vaak erg duur!)

- wat wordt door de ziekteverzekering vergoed?

- Wantrouw een therapeut die beweert met zijn aanvullende behandeling kanker te kunnen genezen.

- Ga niet in zee met een therapeut die vraagt de klassieke behandeling te staken.

Bijwerkingen en hoe er mee omgaan.

Chemotherapie tast behalve de kankercellen ook gezonde cellen aan. Vooral snelgroeiende gezonde cellen zoals beenmerg en bloedcellen, haarcellen en het slijmvlies van het spijsverteringskanaal en de voortplantingsorganen zijn er gevoelig voor. Er kunnen daardoor tijdelijk bijwerkingen optreden.

De bijwerkingen verschillen van persoon tot persoon en hangen onder andere af van de soort en de dosis medicijnen en de duur van de behandeling. Sommige mensen hebben er veel last van,anderen weinig.Na de behandeling herstellen de gezonde cellen zich meestal, en na verloop van tijd verdwijnen ook de bijwerkingen. Bepaalde bijwerkingen, zoals vermoeidheid, kunnen echter maanden of jaren aanhouden.

Voor de therapie begint,zal uw arts u inlichten over mogelijke bijwerkingen van de medicijnen die u krijgt. Aarzel echter niet hem om op elk ander moment vragen te stellen over eventuele bijwerkingen of onverklaarbare klachten. Het is immers vaak mogelijk om bijwerkingen – misselijkheid bijvoorbeeld – te verlichten.

Misselijkheid en braken

Veel mensen associëren chemotherapie –behalve met haaruitval – vooral met misselijkheid en braken. Misselijkheid en braken zijn inderdaad mogelijke nevenwerkingen van chemotherapie,maar dankzij nieuwe medicijnen kunnen ze vaak sterk verminderd of zelfs voorkomen worden. Er zijn verschillende geneesmiddelen tegen misselijkheid, en het effect verschilt van persoon tot persoon.Vaak is het zoeken naar de medicijnen die het beste werken voor u.

Omgaan met misselijkheid en braken

- neem uw medicijnen tegen misselijkheid tijdig in;

- geef niet op,maar probeer in overleg met uw arts of verpleegkundige verschillende middelen uit;

- drink niet bij de maaltijden, maar ervoor of erna;

- eet en drink traag en niet te veel in een keer;

- zorg dat u geen lege maag heeft: eet bijvoorbeeld een droog koekje of wat ontbijtgranen voor u opstaat als u last

heeft van ochtendmisselijkheid;

- vermijd geuren die u niet verdraagt (kookgeuren, rook, parfum…) en sterk geurende etenswaren als koffie,kruiden,

gebraden vlees,kool…;

- rust enkele uren na de maaltijd, maar ga niet plat liggen;

- adem diep en lang in door uw mond als u misselijk wordt;

- zorg voor afleiding;

- eet een lichte maaltijd voor u een nieuwe chemosessie moet krijgen;

- als u gewoonlijk misselijk bent tijdens de chemotherapie, eet u beter enkele uren voor de behandeling niet.

Haarverlies

Chemotherapie tast de haarcellen aan, waardoor het haar broos wordt en afbreekt of uitvalt. Haarverlies kan van persoon tot persoon verschillen en hangt ook af van de medicijnen, de dosis en de duur van de behandeling. Sommige mensen worden volledig kaal, bij anderen wordt het haar dunner. Behalve hoofdhaar kunnen ook wenkbrauwen, wimpers, schaamhaar en ander lichaamshaar uitvallen.

Haarverlies treedt meestal op twee tot drie weken na het begin van de behandeling.

Haarverlies door chemotherapie is altijd tijdelijk. Het haar begint na de behandeling of tegen het einde van de behandeling weer te groeien. De kleur of het uitzicht van het haar kan veranderd zijn.

Omgaan met haarverlies

- Vraag uw arts of de cytostatica die u krijgt, haarverlies zullen veroorzaken.

Omdat haarverlies erg zichtbaar is, is het voor veel patiënten een extra belasting.

- Om haarverlies te beperken, kan u een zachte shampoo en zachte borstels gebruiken; het is ook best uw haar niet op

hoge temperatuur te drogen met de haardroger en uw haar niet te kleuren of te permanenten.

- Als u (bijna) al uw haar verliest, kan u uw hoofd bedekken met hoedjes, sjaaltjes, mutsen,petten,een pruik of een haarstuk (een toupet,om gedeeltelijke kaalheid te bedekken).

Tips voor als u erover denkt een pruik te dragen:

- Ga naar een pruikenspecialistof een gespecialiseerde kapper/kapster voor u uw haar begint te verliezen, zodat hij of zij uw oorspronkelijke kapsel kan zien om de kleur en de stijl van de pruik eraan aan te passen.

- Wie kaal is door chemo- of radiotherapie, heeft in België recht op een tussenkomst van het ziekenfonds voor de aankoop van een pruik.

Vermoeidheid

Vermoeidheid is de meest voorkomende nevenwerking bij de behandeling van kanker.

Zij kan veroorzaaktworden door het gezwel zelf,door de chemotherapie, de radiotherapie, de operatie of door nog andere factoren.

De vermoeidheid van een kankerpatiënt verschilt van gewone dagelijkse vermoeidheid. Zij hangt niet samen met activiteit,en rusten of slapen helpt niet altijd. De vermoeidheid kan lang aanhouden, of zelfs pas na lange tijd opduiken.Maar nadat de behandeling gestopt is,vermindert de vermoeidheid toch geleidelijk aan.

Omgaan met vermoeidheid door kanker

- plan uw dag zo dat u geen energie verspilt en voldoende tijd heeft om te rusten;

- eet goed en drink veel;

- rust veel en goed,zonder te overdrijven;

- beweeg ook voldoende: lichte fysieke activiteit (wandelen bijvoorbeeld) verlicht vaak de vermoeidheid;

- zorg voor afleiding door naar muziek te luisteren, te lezen, sociale contacten te onderhouden,met lotgenoten te praten,enz.

Gedaald aantal bloedcellen

Het beenmerg produceert drie belangrijke bestanddelen van ons bloed:

- rode bloedcellen, die zuurstof naar alle lichaamsdelen transporteren,

- witte bloedcellen,die infecties bestrijden,

- bloedplaatjes, die ervoor zorgen dat uw bloed stolt en bloedingen stoppen.

Chemotherapie kan beenmerg vernietigen, waardoor er minder bloedcellen geproduceerd worden. Het beenmerg herstelt zich wel,maar intussen kan het aantal bloedcellen flink verminderen.

Tijdens uw behandeling zal uw arts geregeld bloed afnemen om het aantal witte en rode bloedcellen en het aantal bloedplaatjes te meten en nauwlettend in de gaten te houden. Hoe laag uw bloedwaarden zullen zakken en wanneer dat gebeurt, hangt onder andere af van het type en de dosis cytostatica die u krijgt. Hoe lager de bloedwaarden zijn, hoe meer last u kan hebben van nevenwerkingen.

wp7bbf11aa.png
wpcf750fdf.png